dinsdag 21 augustus 2012

Persvrijheid?

De regering van Birma heeft gisteren (20 augustus 2012) met onmiddellijke ingang de mediacensuur opgeheven die decennialang van kracht is geweest. Volgens de nieuwe regels hoeven journalisten hun teksten niet langer vóór publicatie  aan de censor voor te leggen.
Dat geeft de lang verwachte ruimte om snel te kunnen reageren op het nieuws, maar het is volgens Birmese journalisten nog niet genoeg om echte persvrijheid te bieden.
Journalisten hoeven hun werk weliswaar  niet meer vóór publicatie door de censor te laten beoordelen, maar eenmaal gepubliceerde verhalen worden nog wel door die censor getoetst aan de nog steeds bestaande draconische mediawetten.
Elke krant of tijdschrift dat een stuk publiceert dat  de reputatie van de regering schaadt, kan haar publicatievergunning verliezen en de uitgevers kunnen zware straffen krijgen.
Dat kan zelfcensuur tot gevolg hebben, zeker als je bedenkt dat de straf in Birma is voor dit soort overtredingen een jarenlange gevangenisstraf kan zijn.
Vooral corruptie–waar veel van de oude (en huidige) politieke leiders van beschuldigd worden - is een gevoelig onderwerp  
De beslissing de mediacensuur per direct op te heffen is genomen terwijl journalisten een groot protest organiseren tegen het trage tempo van de mediahervormingen, die al lang geleden zijn aangekondigd.
Pas nog zijn er twee tijdschriften  gesloten omdat zij over ‘ gevoelige’  onderwerpen geschreven hadden. Als reactie hierop richtten Birmese journalisten de CPF (Comittee for Freedom of Press) op.
De beslissing de tijdschriften permanent te sluiten is inmiddels weer teruggedraaid,  maar de toon leek gezet.
De CPF heeft besloten het protest door te laten gaan zoals gepland, ook al zijn er  nu dan versoepelingen van de censuur afgekondigd.
Het goede nieuws is wel, dat er vanaf nu dagbladen in Birma kunnen worden gemaakt, iets wat eerst vanwege de censuur vooraf onmogelijk was.
Dat betekent een verlevendiging van het media landschap, en meer ruimte voor breed toegankelijke actualiteit.  




foto: The Irrawaddy